|
Les 8: Wat een weer |
||||
| Het is herfst. De regen roffelt op de ruiten.
Gisteren viel er zelfs natte sneeuw . Het weer wordt slechter en
kouder. De winter komt eraan. De klok is een uur teruggezet . Het is weer
wintertijd . Buiten is het nu vroeger donker . De dagen worden korter. De
zon krijgt minder tijd om te schijnen. De zon geeft licht en warmte. Toch
zie je de zon niet altijd . Hij zit vaak verstopt achter de wolken. Maar
hij schijnt wel. Zonder zon zou het donker en koud zijn op aarde. Als de zon opkomt is het vaak nog koud.
Maar na enkele uren wordt het warmer. Tegen de avond koelt het weer af. Je kunt de warmte meten
met een thermometer. De gemeten warmte of koude heet temperatuur.
|
Het regent vaak in de herfst. Soms
regent het pijpestelen. Dan valt het water met bakken naar beneden. Zulke
plensbuien duren meestal kort. Het kan ook de hele dag motregenen. Motregen
is heel fijne regen. Je ziet dan geen druppels. Regen valt uit de wolken.
Soms is de lucht helemaal grijs van de wolken. In de winter kan er ook
sneeuw of hagel uitvallen. Hagelstenen zijn klein ijsklompjes. Herfst is ook
de tijd van de mist. Buiten is het wazig en grijs. Je ziet bijna geen
kleuren meer. Mist is een wolk die heel laag hangt. Alles wordt
vochtig. Spinnewebben zijn goed te zien. Ze lijken wel bedekt met
zilverkralen. Regen,sneeuw,hagel en mist noemen we neerslag.
|
Soms regent het en tegelijk schijnt
de zon. Een enkele keer zie je dan een regenboog. Zonlicht lijkt gewoon
wit. Toch bestaat het uit meerdere kleuren. De zon schijnt op de
regendruppels. Die kaatsen het licht terug. Het lijken wel kleine
spiegeltjes. Elke kleur wordt apart teruggekaatst. Daardoor zie je de
regenboog . Soms zie je er nog een tweede regenboog achter. Die is dan minder
goed te zien. In de herfst kan het ook flink stormen. Wind kun je niet zien
,maar wel voelen . Hij blaast in je gezicht. Je kunt wel zien waar de
wind vandaan komt. Kijk maar naar de bomen , als het flink waait. De takken
zwiepen heen en weer. En de mensen gaan ook anders lopen. De wind kun je ook horen . Als hij door de takken fluit
of om het huis heen giert. Plotseling kan de wind weer gaan liggen .Maar
helemaal windstil is het niet vaak . Wil je weten waar de wind vandaan
komt? Dan moet je een kompas gebruiken. Daarop kun je zien waar het
noorden is. En dus ook de andere richtingen. In ons land komt de wind vaak
uit het westen. Die wind brengt regenwolken mee.
|
||
Beantwoord de volgende vragen over de leestekst:
1. Wordt de klok bij wintertijd een uur vooruit of achteruit gezet?
2. Waar wordt de warmte mee gemeten?
3. Hoe heet de gemeten warmte of koude?
4. Wat worden regen, sneeuw en hagel genoemd?
5. Waardoor zie je de regenboog?
Volg de links (handjes) in de leestekst en bezoek de sites.
-------------