les 28 Ademen en bewegen onder water

Bron: Methode Leefwereld, groep 6, Uitgeverij Jacob Dijkstra.
-------------

's Zomers gaan we vaak naar het zwembad. Je kunt er heerlijk in het water spartelen, baantjes trekken en in de zon liggen. Je hebt ook vast wel eens gedoken en daarna een eindje onder water gezwommen. Maar onder water zwemmen houd je niet lang vol. Want je kunt niet ademhalen en zonder verse lucht zou je stikken. Ons lichaam heeft steeds verse lucht nodig. Daar hebben de mensen longen voor. Maar daarmee kun je onder water niet ademhalen. Onze longen zijn een soort fabriekje. Uit de lucht die we inademen, halen we zuurstof. Zonder die zuurstof kunnen we niet in leven blijven. Ook in water zit zuurstof, maar longen werken alleen boven water. Sommige waterdieren kunnen onder water wel ademen. Andere moeten telkens boven water komen om lucht te happen. De echte waterdieren halen zuurstof uit het water. Ze hoeven dus nooit boven te komen. Sommige dieren, zoals bloedzuigers halen adem door de huid. Die huid is zo dun dat er zuurstof doorheen kan. Een stekelbaarsje haalt adem door kieuwen. Die liggen achter zijn bek. Als hij wil ademen, neemt hij eerst een hap water. Daarna sluit hij de bek en duwt het water naar achteren nar de kieuwen. Kieuwen zijn stukjes huid met heel veel bloedvaatjes. Het water stroomt langs de kieuwen en de zuurstof komt in het bloed van de vis.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Sommige dieren hebben geen kieuwen en kunnen onder water dus niet ademen. Ze hebben, net als wij, longen en moeten dus af en toe boven water lucht happen. Behalve luchthappers zijn er ook luchtsjouwers. Die nemen een reservevoorraad lucht mee naar beneden. Waterkevers doen dat bijvoorbeeld. Ze steken hun achterlijf boven water, pompen dan lucht onder hun dekschild en kunnen met die luchtvoorraad vrij lang onder water blijven. Ruggezwemmers sjouwen ook met lucht. Ze nemen de lucht mee tussen haren op hun buik. Die lucht kun je goed zien. Het lijkt alsof er een laagje zilver op hun buik zit. De waterspin heeft wel een hel mooie oplossing gevonden om lucht mee te nemen. Hij neemt steeds luchtbelletjes me naar beneden en daarvan maakt hij een grote luchtbel. Als die luchtbel groot genoeg is, kruipt hij erin.... Heb je wel eens gesnorkeld?Er zijn ook waterinsecten en larven met een snorkel. Ze halen adem door een buisje dat boven het water uitsteekt. Door vlak onder het wateroppervlak te "zweven", kunnen ze blijven leven. Een waterschorpioen heeft een heel lange ademhalingsbuis. Het lijkt wel een steekwapen, maar hij haalt er adem door.











 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Een heel bijzonder "snorkelaar" is de rattestaartlarve. Die heeft en uitschuifbare ademhalingsbuis... Waterdieren halen dus op verschillende manieren adem. Dat is niet het enige verschil. Ze bewegen ook op verschillende manieren. In het waterhuis zijn zwemmers, kruipers, lopers en roeiers. Het stekelbaarsje is een zwemmer. Door zijn staart te bewegen kan hij snel vooruitkomen. De vorm van zijn lichaam helpt hem daarbij. Hij is "gestroomlijnd"en daardoor glijdt hij gemakkelijk door het water. Niet iedereen in het waterhuis komt zo snel vooruit. De slakken doen het rustig aan. Ze kruipen langzaam over de bodem of over de waterplanten. De kokerjuffer en de waterpissebed doen het weer anders. Die lopen over de bodem en scharrelen zo hun kostje op. Vijverlopers en schaatsenrijders zijn ook echte lopers. En dan zijn er nog de roeiers, zoals de ruggezwemmers en de waterkevers. Aan hun achterste poten zitten haren. Met die haren maken ze hun poten breder als ze zich afzetten. Ze schieten dan een heel eind vooruit. Hun poten lijken net echte roeispanen.

 

 

 

 

 

 

 





Beantwoord de volgende vragen over de leestekst:

1. Wat halen longen uit de lucht?

2. Hoe halen bloedzuigers adem?

3. Hoe haalt een stekelbaarsje adem?

4. Hoe leeft een waterspin onder water?

5. Hoe snorkelt de rattestaartlarve?


Beantwoord de volgende vragen via de links in de leestekst

1. Hoe heet de luchtbel van de waterspin?

2.Welke insekten komen er uit een rattestaartlarve?

3. Waarmee kunnen slakken worden bestreden?

4. Wat is de meest voorkomende bloedzuiger in sloot en plas?

5. Van wie is de dwergruggezwemmer het kleinere neefje?
-------------