|
Les 5: Het bos in de herfst. |
||||
| Veel bomen laten in de herfst hun bladeren vallen. Die bladeren zijn in de winter
alleen maar lastig. 1. Bladeren zitten vol vocht, maar ze zijn niet waterdicht. Dus al dat vocht kunnen ze ook zo weer verliezen. Dat heet verdampen. Aan de onderkant van het blad zitten hele kleine gaatjes.
Dat zijn de huidmondjes. Door al die huidmondjes verdwijnen per dag tientallen liters water. In de zomer is dat geen probleem. Dan zuigt de boom met zijn wortels steeds water op uit de grond. Maar
's winters is de grond te koud, dan lukt dat niet.De waterleiding is als het ware afgesloten. Toch zou de verdamping in de bladeren door blijven gaan. Maar dan zou
de ramp niet te overzien zijn: de boom zou uitdrogen!! Daarom stoot de boom die lastige bladeren af in de herfst.
Toch laat een boom niet zomaar zijn bladeren vallen, want er zitten nog waardevolle stoffen in.
Die moeten er dus eerst worden uitgehaald. Door kleine buisjes tussen blad en tak worden deze stoffen teruggehaald. Ze worden opgeslagen in de stam en de wortels.
In het voorjaar kunnen ze dan opnieuw gebruikt worden.
|
In ieder blad zitten bladgroenkorrels. Die kleuren de bladeren groen.
In de herfst trekt de boom die bladgroenkorrels uit de bladeren. En wat blijft er over? Een heleboel andere kleuren, die dan pas opvallen. Het zijn de herfstkleuren.
Daarna maakt de boom de buisjes dicht met een laagje kurk. Op de plaats waar het laagje zit, is de bladsteel heel breekbaar. Een klein windvlaagje is al genoeg om de
bladeren naar beneden te laten dwarrelen. Alle afgewaaide bladeren komen op de grond terecht. In een tuin of plantsoen worden ze vaak weggeharkt. Maar in het bos blijft alles liggen.
Iedere herfst komt er een dikke laag bladeren op de grond te liggen. Samen met afgevallen takjes en zaden vormen deze
bladeren de strooisellaag. In de herfst regent het vaak, dus de strooisellaag wordt nat en gaat rotten. Hierdoor ontstaat warmte en daardoor wordt deze laag
een ideale plek voor de kelderbewoners van het bos. Wormen, 2. slakken , 3. miljoenpoten en 4. pissebedden voelen zich er uitstekend thuis.
Ze eten ook van dat bosafval.
|
Ook bacteriën en schimmels helpen een handje. Samen zorgen ze ervoor dat de takjes
en de bladeren, maar ook poep en dode dieren in heel kleine stukjes worden verdeeld. We noemen dat verteren. Als het vochtig is, gaat het verteren sneller. Zo verandert al het bosafval langzaam in humus.
Humus is belangrijk voor de bomen, struiken en andere planten die in het bos groeien. Er zitten namelijk allerlei voedingsstoffen in. De voedingsstoffen komen met
het regenwater in de bodem terecht. Zo blijft de bosbodem vruchtbaar. In het voorjaar en in de zomer kunnen de bomen die stoffen samen met het water opnemen.
Dan gaan ze weer groeien en nieuwe blaadjes maken. Er gaat in de natuur dus niets verloren.
Het is eigenlijk een kringetje. De boom maakt bladeren, die vallen in de herfst af. Humusmakers veranderen de dode bladeren in voedingsstoffen. De boom neemt die stoffen weer op. Zo past alles prachtig in elkaar.
We noemen dat de voedselkringloop.
|
||
Beantwoord de volgende vragen via de links in de leestekst
1. Wat is fotosynthese?
2. Welke slakken zijn compleet uit Nederland verdwenen?
3. Wat eet een miljoenpoot?
4. Waar vind je een pissebed alleen?
-------------