Les 20 : Voor niets gaat de zon op
-------------

Vroeger deden mensen alles met spierkracht. Met blote handen werd de grond bewerkt. Maar al gauw bedacht men allerlei slimme gereedschappen. Ze maakten een soort ploeg aan een stok, een soort hefboom waarmee je de aarde openbreekt. Nu hoefden ze minder spierkracht te gebruiken. Toch bleven de mensen verder zoeken. Ze ontdekten de kracht van dieren. Zelf een ploeg trekken is behoorlijk zwaar. Daarom zetten de mensen er vroeger een paard voor. Ook runderen, olifanten en honden werden ingeschakeld. Toch bleven de mensen verder zoeken. Ze ontdekten de kracht van de wind. Wind is bewegende lucht. Die kracht van de wind noemen we windenergie. Al eeuwen geleden werden grote meren in Noord-Holland met windmolens leeggemalen. Windenergie kost niets en het is er in ons land bijna altijd. Het heeft ook nadelen. De windrichting en windsterkte wisselen steeds. Je bent altijd afhankelijk van de wind. Dus bleven de mensen verder zoeken. Ze zochten naar een regelmatige, regelbare energiebron. En ze vonden die energiebron in de stoommachine. Door water te verwarmen, gaat het koken. De damp die vrij komt geeft een flinke kracht. Denk maar aan de fluitketel. Later werd de explosiemotor uitgevonden. Die vind je in auto's en brommers. Nog weer later komt de elektromotor er bij.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Het lijken goed bruikbare energiebronnen , maar schijn bedriegt! Al die motoren worden immers gestookt op gas, kolen of olie. Hoe kom je anders aan stoom, benzine of elektriciteit? Al deze brandstoffen zitten opgeslagen in de grond. Als we dat gebruiken, raakt het een keer op. We noemen deze energie voorraad-energie. Bovendien komen er bij verbranding van deze brandstoffen giftige gassen vrij. Daarmee wordt de lucht en dus ons milieu vervuild. De mensen bleven dus verder zoeken. Er bevindt zich ook energie in atomen. Dat zijn heel kleine deeltjes. Alles om ons heen bestaat uit atomen: een steen, je boek of een glas melk. In kerncentrales worden atoomkernen van uranium gesplitst. Uranium is een soort metaal dat in de grond zit. Bij die splitsing komt enorm veel energie vrij. Die wordt gebruikt voor het opwekken van elektriciteit. Kernenergie leek de oplossing, maar al gauw bleken er ook bezwaren te zijn. Bij kernsplijting komt gevaarlijke radioactieve straling vrij. Het afval van kerncentrales blijft die straling soms duizenden jaren vasthouden. Waar en hoe moet je dat radioactieve afval zo lang bewaren? Een ongeluk zal enorme gevolgen hebben. Dus bleven de mensen verder zoeken. En zo kwamen we terug bij de veilige en gratis windenergie . Daarom worden er tegenwoordig weer windmolens gebouwd. We kunnen ook stromend water gebruiken om energie te winnen. Rivieren stromen van de bergen af en twee keer per dag stijgt het water in de zee. De met wind en water opgewekte stroom kunnen we in en accu opslaan. Zo kun je energie bewaren.













 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De belangrijkste bron van licht en warmte is de zon. Ga maar eens op een hete zomerdag achter een gesloten raam zitten. Met de zonnewarmte kun je water verwarmen. Daarom worden er soms zonnecollectoren op huizen aangelegd. Dat zijn grote platte bakken met heel veel buizen erin. Die bakken zijn goed ge´soleerd en afgedekt met glas. Het water in die buizen wordt verwarmd. Die warmte kan dan later weer worden gebruikt. In je rekenmachientje zitten soms ook zonnecellen. Een zonnecel is een dun plaatje silicium, een soort metaal. Als er licht van de zon of een lamp op schijnt, komt er elektriciteit uit. Zelfs afval levert gratis energie. Door rotting ontstaan er in mest en afval gassen. We noemen het biogas. Dit brandbare gas kun je gebruiken voor verwarming. Daarom worden er bij boerderijen met veel vee en mest soms biogas-installaties gebouwd. Zo wint de boer zijn eigen energie. De wind, het stromende water, de zon en het afval leveren ons gratis energie. Energie die nooit opraakt. We noemen dat duurzame energie. We maken nog weinig gebruik van duurzame energie. En met de voorraad-energie gaan we zorgeloos om. Toch raakt die voorraad-energie op en vervuilt het milieu. Daarom is het verstandig zo zuinig mogelijk om te gaan met energie. We noemen dat energiebesparing.

 

 

 

 

 

 

 





1. Beantwoord de volgende vragen over de leestekst:

1. Hoe noemen we de kracht van de wind?

2. Welke nadelen heeft windenergie?

3. Waar wordt de explosiemotor in toegepast?

4. Wat gebeurt er in een kerncentrale?

5. Wat komt er vrij bij kernsplijting?
-------------




2. Volg de links in de leestekst en beantwoord de vragen:

1. Probeer maar eens uit wat er met de hefboom gebeurt.

2. Waarom heet deze boot een fluisterboot?

3. Bekijk de elektromotor maar.

4. In welk land staan de meeste kerncentrales?

5. Wanneer ontplofte de kernreactor in Tsernobyl (Sovjet Unie)?

6. Hoeveel windmolens stonden er in januari 2002 in Nederland?

7. Hoe maak je met zonnecellen electriciteit?
-------------